31 mei 2008
Wat geroorloofd is aan bibliotheekmedewerkers is dat ook aan de bibliotheek
Een van de credo's die vaak terug komen in de verhalen over Web 2.0 en bibliotheek 2.0 is dat de medewerkers er op uit moeten gaan. Het Web op. Verkennen, spelen en leren van de mogelijkheden die er zijn. Dat geldt in sterke mate ook in de cursussen zoals 23 Dingen en Spoetnik.
De boodschap is daar heel duidelijk. Kom op, leer van de on-line mogelijkheden die er zijn. Kijk naar de mogelijkheden op het Web waar de klanten van vandaag en morgen al ervaring mee hebben.
Wanneer we de bibliotheekmedewerkers zo het bos in sturen, om er op uit te gaan en te verkennen. Wat zijn dan de eisen die we aan de bibliotheek zelf als organisatie stellen? Ik kom hier op vanwege het interview dat ik in de IK las met Josje Calff, de onder-bibliothecaris bij de UB in Leiden. De laatste zin in dat interview is bij mij blijven hangen: "De bibliotheek is lang niet altijd als eerste rijp voor nieuwe technologieën."
De manier waarop ik deze aflsluitende zin las en interpreteerde is dat, volgens mevrouw Calff, bibliotheken vooral niet voorop moeten lopen en rustig moeten wachten tot alles uitgekristalliseerd is voordat we het kunnen oppakken en integreren in onze praktijk. Het staat mijns inziens een beetje haaks op de "ga naar buiten, verken en speel" gedachte die op veel plaatsen wordt gepredikt.
Wanneer is een ontwikkeling ver genoeg om opgepikt te worden, kan je je afvragen. Is het de beta versie wanneer we in moeten stappen? versie 1.x of even wachten tot 2.x en het systeem zich bewezen heeft? Soms kan je het je permitteren om wat af te wachten, maar niet altijd. Misschien dat de bewezen traditie beter bij Leiden past, maar ik heb zo mijn bezwaren.
Ik ben meer een voorstander dat de bibliotheek als organisatie ook wat meer experimenteert en dingen in het openbaar uitprobeert. Neem het voorbeeld van de commentaar functie in onze eigen bestanden. Wanneer je naar het aantal commentaren van gebruikers kijkt mag je het gerust een mislukking noemen. Maar er is meer. Een onverwacht gebruik, maakt het tot een zeer nuttige toepassing. De afdeling mediaverwerking gebruikt de commentaar mogelijkheid om de storing precies daar te tonen waar het er toe doet, rechtstreeks in het catalogusrecord. De mededeling van een storing staat daardoor op een zeer relevante plaats.
We zouden nu niet meer zonder deze speciale commentaarmogelijkheid willen. Niemand had deze vorm van gebruik van te voren bedacht. Het is ontstaan doordat de commentaarmogelijkheid ingevoerd werd en dit door een afdeling binnen de bibliotheek anders benut werd dan van te voren was voorzien. Achteraf gesproken vraag je je af hoe je ooit zonder deze storingsmelding had gekund. Maar het is volledig het resultaat van spelen en testen -in het openbaar- door de organisatie.
Ook als organisatie moet je leren en wijzer worden. Wat werkt en wat werkt niet. Veel bedrijven die meer in de Webwereld zitten hebben dat credo allang geadopteerd. Voor de eeuwig beta hoef je je tegenwoordig niet meer te schamen. Bibliotheken kunnen en zouden volgens mij ook moeten meesurfen op die golf. Wanneer de bibliotheek als organisatie niet verkent en speelt met de mogelijkheden dan leert de organisatie ook niets. Dan gaan er kansen verloren. Dan leveren wij ons zelf uit aan leveranciers van systemen die het allemaal voor ons bedenken.
Dat is zeker niet mijn bibliotheek wereld.
Literatuur:
Bouwer, E. (2008) De veranderende universiteitsbibliotheek. Intellectueel Kapitaal, 7(3):18-21.
De boodschap is daar heel duidelijk. Kom op, leer van de on-line mogelijkheden die er zijn. Kijk naar de mogelijkheden op het Web waar de klanten van vandaag en morgen al ervaring mee hebben.
Wanneer we de bibliotheekmedewerkers zo het bos in sturen, om er op uit te gaan en te verkennen. Wat zijn dan de eisen die we aan de bibliotheek zelf als organisatie stellen? Ik kom hier op vanwege het interview dat ik in de IK las met Josje Calff, de onder-bibliothecaris bij de UB in Leiden. De laatste zin in dat interview is bij mij blijven hangen: "De bibliotheek is lang niet altijd als eerste rijp voor nieuwe technologieën."
De manier waarop ik deze aflsluitende zin las en interpreteerde is dat, volgens mevrouw Calff, bibliotheken vooral niet voorop moeten lopen en rustig moeten wachten tot alles uitgekristalliseerd is voordat we het kunnen oppakken en integreren in onze praktijk. Het staat mijns inziens een beetje haaks op de "ga naar buiten, verken en speel" gedachte die op veel plaatsen wordt gepredikt.
Wanneer is een ontwikkeling ver genoeg om opgepikt te worden, kan je je afvragen. Is het de beta versie wanneer we in moeten stappen? versie 1.x of even wachten tot 2.x en het systeem zich bewezen heeft? Soms kan je het je permitteren om wat af te wachten, maar niet altijd. Misschien dat de bewezen traditie beter bij Leiden past, maar ik heb zo mijn bezwaren.
Ik ben meer een voorstander dat de bibliotheek als organisatie ook wat meer experimenteert en dingen in het openbaar uitprobeert. Neem het voorbeeld van de commentaar functie in onze eigen bestanden. Wanneer je naar het aantal commentaren van gebruikers kijkt mag je het gerust een mislukking noemen. Maar er is meer. Een onverwacht gebruik, maakt het tot een zeer nuttige toepassing. De afdeling mediaverwerking gebruikt de commentaar mogelijkheid om de storing precies daar te tonen waar het er toe doet, rechtstreeks in het catalogusrecord. De mededeling van een storing staat daardoor op een zeer relevante plaats.
We zouden nu niet meer zonder deze speciale commentaarmogelijkheid willen. Niemand had deze vorm van gebruik van te voren bedacht. Het is ontstaan doordat de commentaarmogelijkheid ingevoerd werd en dit door een afdeling binnen de bibliotheek anders benut werd dan van te voren was voorzien. Achteraf gesproken vraag je je af hoe je ooit zonder deze storingsmelding had gekund. Maar het is volledig het resultaat van spelen en testen -in het openbaar- door de organisatie.
Ook als organisatie moet je leren en wijzer worden. Wat werkt en wat werkt niet. Veel bedrijven die meer in de Webwereld zitten hebben dat credo allang geadopteerd. Voor de eeuwig beta hoef je je tegenwoordig niet meer te schamen. Bibliotheken kunnen en zouden volgens mij ook moeten meesurfen op die golf. Wanneer de bibliotheek als organisatie niet verkent en speelt met de mogelijkheden dan leert de organisatie ook niets. Dan gaan er kansen verloren. Dan leveren wij ons zelf uit aan leveranciers van systemen die het allemaal voor ons bedenken.
Dat is zeker niet mijn bibliotheek wereld.
Literatuur:
Bouwer, E. (2008) De veranderende universiteitsbibliotheek. Intellectueel Kapitaal, 7(3):18-21.
Comments:
Links to this post:
<< Home
Tja, als je het web 2.0 concept echt wil toepassen is er wezenlijke verandering in een organisatie nodig, maar sommige organisaties veranderen niet zo snel. Ik denk dat veranderingen eerder worden doorgevoerd door individuen. Daarom vind ik je voorbeeld mbt de commentaar functie treffend. Ik vermoed dat deze functie is geinitieerd door één of meerdere medewerkers, het zal geen maatregel van bovenaf geweest zijn. Wat wel een beleidsmaatregel kan zijn is medewerkers de gelegenheid geven te verkennen en experimenteren (de ontdekken en leren strategie voor verandering) Het resultaat daarvan (bijvoorbeeld een voorstel voor nieuwe een nieuwe functie ;-) moet natuurlijk wel serieus genomen worden.
De laatste zin van Josje Calff is uit zijn context gehaald. Die luidt:
“De studenten ontwikkelen
zich sneller dan de producten die de bibliotheek kan aanbieden.
Onze diensten moeten betrouwbaar en duurzaam zijn; het ontwikkelen daarvan kost tijd. We geven nog
steeds cursussen ‘zoeken in de digitale bibliotheek’ op klassieke
wijze, maar ontwikkelen hiervoor ondertussen tevens e-learning modules. Studenten vinden dat volkomen normaal, net zo als het ontvangen van een sms-bericht dat
meldt dat een geleend boek moet worden teruggebracht omdat een ander het gereserveerd heeft. Het kost tijd om systemen zo aan te passen, dat er geen geautomatiseerde papieren brief uitgaat, maar een sms-bericht of een e-mail. De bibliotheek is lang niet altijd als eerste rijp voor nieuwe technologieën.” (Bron: IK)
Josje Calff bedoelt hiermee m.i. dat de bibliotheek niet altijd de wensen, ontwikkelingen en technologieën kan bijhouden. De bibliotheek ontwikkelt graag met zorg, er zijn nog veel veranderingen die moeten worden doorgevoerd. Dat studenten bij wijze van spreke hun boeken per mobiel zouden willen aanvragen en lezen (ik verzin maar een moderne variant) wil nog niet zeggen dat de bieb hier a) direct in mee kan en b) direct in mee wil. Dat betekent weer niet, dat het er in het geheel niet van komt.
Als ik het mag samenvatten: de bibliotheek is niet de plek waar men altijd snel achter de laatste trends en hypes aan rent.
“De studenten ontwikkelen
zich sneller dan de producten die de bibliotheek kan aanbieden.
Onze diensten moeten betrouwbaar en duurzaam zijn; het ontwikkelen daarvan kost tijd. We geven nog
steeds cursussen ‘zoeken in de digitale bibliotheek’ op klassieke
wijze, maar ontwikkelen hiervoor ondertussen tevens e-learning modules. Studenten vinden dat volkomen normaal, net zo als het ontvangen van een sms-bericht dat
meldt dat een geleend boek moet worden teruggebracht omdat een ander het gereserveerd heeft. Het kost tijd om systemen zo aan te passen, dat er geen geautomatiseerde papieren brief uitgaat, maar een sms-bericht of een e-mail. De bibliotheek is lang niet altijd als eerste rijp voor nieuwe technologieën.” (Bron: IK)
Josje Calff bedoelt hiermee m.i. dat de bibliotheek niet altijd de wensen, ontwikkelingen en technologieën kan bijhouden. De bibliotheek ontwikkelt graag met zorg, er zijn nog veel veranderingen die moeten worden doorgevoerd. Dat studenten bij wijze van spreke hun boeken per mobiel zouden willen aanvragen en lezen (ik verzin maar een moderne variant) wil nog niet zeggen dat de bieb hier a) direct in mee kan en b) direct in mee wil. Dat betekent weer niet, dat het er in het geheel niet van komt.
Als ik het mag samenvatten: de bibliotheek is niet de plek waar men altijd snel achter de laatste trends en hypes aan rent.
Wij prediken weliswaar "education permanente" aan onze doelgroepen maar stellen onszelf als bibliotheekorganisaties vaak buiten dat proces. Leren doe je door te spelen en experimenteren.
Grappig dat recent commentaar op deze oude maar waardevolle post nu weer via Twitter binnenkomt
Een reactie plaatsen
Grappig dat recent commentaar op deze oude maar waardevolle post nu weer via Twitter binnenkomt
Links to this post:
<< Home

