27 februari 2009
Open Access : toegang tot de toekomst
Waarschuwing! een saai filmpje, dat nog te lang is ook. Wanneer leren we nu eens dat pratende koppen niet het beste middel is om een boodschap over te brengen? Zelfs niet voor collegae wetenschappers. Het moet beter kunnen. Toch plaats ik deze saaie heren op mijn blog omdat de boodschap wel belangrijk is, en mij na aan het hart ligt.
Hattip: Egon
Labels: OA, Open Access, Wetenschappelijke communicatie
20 februari 2009
23 dingen en daarna de twijfel
Na mijn post van gisteren hier een citaat van een recent afgestudeerde 23 dingen deelneemster:
Ik verwachtte dat de 23 dingen een aanzet moesten geven tot concrete dingen. Maar, eerlijk gezegd was ik na de bijeenkomst teleurgesteld. Is dit het nu? Is nu de conclusie dat het eigenlijk toch niets voor ons is? Nee, dat is niet met zoveel woorden gezegd, maar zo was de stemming wel. We gingen niet uit elkaar in een sfeer van "Yes, we gaan aan de slag." Er zijn mogelijk nog wel plannen voor een interne wiki. Wordt dat nu ergens besloten en moet de rest nu afwachten wat er gebeurd? Is dit dan een lang leven beschoren?
Bron: José's weblog 23 dingen
Lees ook het commentaar, want dat geeft de burger weer wat meer moed.
Labels: 23 dingen, Bibliotheek 2.0
18 februari 2009
23 dingen. En toen?
Afgelopen dinsdag werd er een bijeenkomst georganiseerd door Biblioservice Gelderland over het thema hoe nu verder na "de 23 dingen". Moqub was daar te gast en heeft een mooi verslag geschreven -lees vooral ook het uitgebreide commentaar van Ritnila- en ook gastvrouw Yvonne Sinkeldam heeft een korte samenvatting geblogd. Gerard die er ook aanwezig was, gaat heel kritisch in op de verwachtingen ten aanzien van de 23 dingen cursus. Hoewel ik voor deze brainstorm was uitgenodigd, was ik verhinderd omdat ik op hetzelfde moment een Web 2.0 cursus in bij de Universiteitsbibliotheek in Nijmegen aan het geven was. Cursussen te over om Web 2.0 vaardigheden op te doen, maar wat daarna?
De Biblioservice brainstorm valt conceptueel voor mij samen met een blogpost van de directeur van de openbare bibliotheek in Wageningen, die zich in arren moede nu verzucht hoe het nu verder moet zijn web 2.0 vaardige medewerkers.
Eigenlijk zie ik hier een herhaling van een discussie die zich bij de UBA afspeelde waar een aantal deelnemers een symposium hebben georganiseerd over het onderwerp "sinds Spoetnik" -een soort ingekorte 23 dingen cursus- Naast de powerpoints van dat minisymposium die op de spoetnik blog gelinkt staan is er een verslag van die dag te vinden op het blog van een beetje adjunct. Ik had zelf voor die gelegenheid een ook een visie van een buitenstaander geschreven en kreeg daar een nogal gepikeerd commentaar op van een van de Spoetnikkers. Maar toch wanneer ik mijn eigen post herlees, ga ik hier weer Monique Verweijmeren aanhalen
Ik ben in eerste instantie heel erg verbaasd dat er uit de brainstorm van Biblioservice in Elst naar voren kwam dat "Vooral het management moet visie ontwikkelen op het gebied van web 2.0." Terwijl de Wageningse bibliotheek directeur kort daarvoor blogt: "Het roepen van dat de wereld en de bibliotheken helemaal anders worden (o.a. bibliotheek 2.0) is voor mij te mager. Ik mis de aansluiting op en in de context van onder andere de landelijke (strategische) ontwikkelingen". Wanneer je deze uitspraken naast elkaar zet illustreert het de patstelling die dreigt ontstaan en komen we na, of ondanks, 23 dingen totaal niet verder.
Ik heb nooit zo gehouden voor mij iets te schreeuwerige werk van Michael Casey maar ik moet hem nu wel in de strijd gooien om de impasse te doorbreken. In de meeste discussies over bibliotheek 2.0, en daar maak ik mezelf ook schuldig aan, gaat het meestal over de nieuwe ontwikkelingen en mogelijkheden op het Web. Een heel belangrijk aspect zijn echter de mensen.
De Biblioservice brainstorm valt conceptueel voor mij samen met een blogpost van de directeur van de openbare bibliotheek in Wageningen, die zich in arren moede nu verzucht hoe het nu verder moet zijn web 2.0 vaardige medewerkers.
Eigenlijk zie ik hier een herhaling van een discussie die zich bij de UBA afspeelde waar een aantal deelnemers een symposium hebben georganiseerd over het onderwerp "sinds Spoetnik" -een soort ingekorte 23 dingen cursus- Naast de powerpoints van dat minisymposium die op de spoetnik blog gelinkt staan is er een verslag van die dag te vinden op het blog van een beetje adjunct. Ik had zelf voor die gelegenheid een ook een visie van een buitenstaander geschreven en kreeg daar een nogal gepikeerd commentaar op van een van de Spoetnikkers. Maar toch wanneer ik mijn eigen post herlees, ga ik hier weer Monique Verweijmeren aanhalen
De interesse is er wel, veel bibliotheken laten hun medewerkers bijvoorbeeld het 23 dingen traject volgen maar in de periode daarna zie je toch relatief weinig dat zaken echt opgepakt en doorgezet worden. En zoals Gerard in andere woorden aangeeft, gooi geen roeiboten los als je niet van plan bent om te gaan roeien, dat levert alleen maar het bekende gevoel op van iets aangeraakt te hebben maar er niet mee verder te kunnen, één bonk frustratie bij de koplopers, het weer wegzakken van kennis bij de volgers, en de kont tegen de kribbers kunnen zeggen: 'zie je wel dat het toch niks oplevert'.Ik zet hier voor het gemak een en ander aan reflecties op de Web 2.0 cursussen van de laatstetijd op een rij omdat je toch wel kan spreken over een algemene tendens. Met vraagt zich af hoe nu verder moet na de 23 dingen, 14 dingen, 13 dingen, 7 dingen of wat voor variant van een Web 2.0 cursus dan ook.
Ik ben in eerste instantie heel erg verbaasd dat er uit de brainstorm van Biblioservice in Elst naar voren kwam dat "Vooral het management moet visie ontwikkelen op het gebied van web 2.0." Terwijl de Wageningse bibliotheek directeur kort daarvoor blogt: "Het roepen van dat de wereld en de bibliotheken helemaal anders worden (o.a. bibliotheek 2.0) is voor mij te mager. Ik mis de aansluiting op en in de context van onder andere de landelijke (strategische) ontwikkelingen". Wanneer je deze uitspraken naast elkaar zet illustreert het de patstelling die dreigt ontstaan en komen we na, of ondanks, 23 dingen totaal niet verder.
Ik heb nooit zo gehouden voor mij iets te schreeuwerige werk van Michael Casey maar ik moet hem nu wel in de strijd gooien om de impasse te doorbreken. In de meeste discussies over bibliotheek 2.0, en daar maak ik mezelf ook schuldig aan, gaat het meestal over de nieuwe ontwikkelingen en mogelijkheden op het Web. Een heel belangrijk aspect zijn echter de mensen.
De mensen die werken in de bibliotheek en die gebruik maken van de diensten van de bibliotheek. Het gaat er om dat de medewerkers in de bibliotheek om kunnen gaan met het veranderende media-aanbod. Dat bestaande en nieuwe gebruikers voorzien kunnen worden van informatie die ze nodig hebben via kanalen die hen aanspreekt -de bibliotheek is in staat zich plooibaar op te stellen-.
In mijn visie zie ik de hele roll-out van 23 dingen en aanverwante cursussen de manier om de huidige generatie medewerkers uit te rusten met nieuwe mogelijkheden en technieken om nieuwe dingen in de bibliotheek te kunnen gaan doen. Het gaat daarbij niet om het feit dat ze weten wat last.fm is en hoe dat ongeveer werkt, maar wel dat radio gedicteerd door Hilversum letterlijk een gepasseerd station is en dat het niet voldoende is dat je in je bibliotheek bakken vol CD's hebt staan. Media veranderen, misschien wel sneller dan voorheen. De bibliotheek moet mee veranderen om de relevante rol als informatiebemiddelaar in deze gemedialiseerde maatschappij te kunnen behouden.
Zelfs de minister geeft in zijn zienswijze aan dat de bibliotheekvernieuwing een grote digitale component heeft. Zo niet, volledig om digitale bibliotheekvernieuwing draait. Bij een goede digitale bibliotheek hoort ook een digitale bibliotheekdienstverlening. Medewerkers zullen dus voorbereid moeten zijn op die omslag naar digitaal werken te kunnen maken. De 23 dingen geven daar mijns inziens een goede aanzet toe.
Van de bibliotheekvernieuwing die noodzakelijk is vind ik het belangrijk dat die vooral bedacht wordt door de medewerkers op de werkvloer en de gebruikers van de bibliotheek. Maar om wegen van vernieuwing te zien, moeten we wel weten wat de mogelijkheden zijn. Daarom zijn de 23 dingen cursussen zo belangrijk. Een heel palet aan mogelijkheden en kansen wordt geboden en de nieuwsgierigheid wordt gewekt. De nieuwsgierigheid die gewekt wordt, die nieuwsgierigheid is een essentiële voorwaarde om innovatief bezig te kunnen zijn. Ook in de bibliotheek.
Het charmante van veel bibliotheek 2.0 ideeën is dat die bedacht zijn door betrokken medewerkers op de werkvloer. Het is tot nu toe een echte bottom up beweging geweest. Daarom ben ik zo verbaasd, verbolgen eigenlijk, over de uitkomst van de brainstorm in Elst, waarin geconcludeerd wordt dat 'het management' de lijnen moet uitzetten. Maar hoe bottom-up de beweging ook mag zijn, ondersteuning en ruimte van het management voor de dromers en de vernieuwers is wel noodzakelijk. Maar helaas voor de managers, de bottom up beweging gaat niet zover dat we de jaarlijkse begroting bij de subsidiegevers veiligstellen. Wat dat betreft blijven de managers en directeuren nodig opdat de medewerkers kunnen dromen, durven en doen.
Volgens mij is het nu aan de honderden geslaagden van de 23 dingen cursussen om zich te gaan roeren en ideeën opgedaan in de cursus op hun werk in de praktijk te gaan brengen. Er zijn ook voorbeelden te over dat er dingen opgepikt worden. Een blog hier. Een chatbox daar. Het hoeft niet allemaal tegelijk overhoop gehaald te worden, maar het is wel belangrijk dat we goede toepassingen vinden, nieuwe diensten creëren, en nieuwe leden binnenhalen. Met 23 dingen zijn we uitgerust om de eerste stappen op het gebied van digitale dienstverlening te zetten.
Labels: 23 dingen, Bibliotheek 2.0
15 februari 2009
Crap cleaner mijn trouwe gereedschapskist
Bijna twee jaar geleden schreef ik al eens een blogpost met een opsomming van allerlei handige tools, die essentiële kost zijn voor mensen die vaak het Web afstruinen. De hele lijst wil ik nu niet weer nalopen maar Crap Cleaner wil ik hier vooral in het zonnetje zetten. Vandaag werd ik weer eens prettig verrast door deze handige gereedschapskist.Ik moest een wat oudere PC onder handen nemen, waar door de kinderen heel vaak allerlei spellen opgezet waren en weer afgehaald. Ondanks allerlei installatie software blijft er nog een heel spoor aan resten achter. Op de schijf, in de registry en op nog veel meer plakken. Super irritant zijn ook allerlei programma's die zich ongemerkt altijd in het geheugen nestelen om op de uitkijk te zitten voor software update's van het bijbehorende programma en meer van dat soort dingen.
Via een gedeeld item in zijn feed reader had Gerard Bierens mij al eens gewezen op een post op Lifehacking over Disable Startup. Tijdens het PC onderhoud dat ook maar eens testen. Mooi programmaatje. Inderdaad een goede hack om je PC bij te houden. Maar ik werd nog blijer toen ik ontdekte dat mijn oude trouwe Crap Cleaner dit ook deed. Tot nu toe gebruikte ik Crap Cleaner vooral om allerlei setting, cookies en tijdelijk files op te sporen en te vernietigen (meerdere keren overschrijven, zodat ze ook echt weg zijn) of deed een registry check en dat was het ongeveer wel wat ik met dat programma deed.
Vandaag ontdekte ik echter dat er onder tools tabje op Crap Cleaner ook een mogelijkheid zit waarmee je kunt kijken wel programma's er allemaal geladen zijn en lopen en misschien wel nog belangrijker, waarmee je ze uit kunt zetten.
Heerlijk. Exit Disable Startup.
Labels: PC onderhoud, Tools
08 februari 2009
Willem Alexander 2.0

Verschillende media hebben al bericht over het feit dat Willem Alexander met een weblog begonnen is. De aanleiding lijkt zijn bezoek aan de Zuipool. Erg vooruitstrevend.
Naasthet schrijven van een weblog is hij ook Twitter is gaan gebruiken. Op dit moment alleen om de feed van zijn blog te promoten, maar wie weet gaat hij Twitter straks nog voor echte berichten gebruiken. Veel volgers heeft hij nog niet. Hij zou wat van de Dalai Lama kunnen leren. Die heeft in twee dagen ruim 12000 volgers geworven.
Mij kan je trouwens ook op Twitter volgen.
Labels: beroemheden, Twitter
01 februari 2009
Komt een blogger bij de apotheek *
Afgelopen vrijdag was ik weer bij de apotheek omdat een van mijn kinderen niet goed hersteld bleek van een zeer stevige verkoudheid van twee weken geleden, en nu ten onder was gegaan een zware bovenste luchtweginfectie. Aan de antibiotica dus, was de conclusie van de huisarts.
Bij de apotheek receptje inleveren. Blijkt mijn zoon niet "in het systeem te staan". Zijn tweelingzusje wel, maar hij niet. Ik dring nog eens aan. "Maar jij komt hier al zijn hele leven" (dat zijn zeven jaren in zijn geval, nog niet veel jaren, maar zeker meerdere keren dat we daar voor hem zijn geweest) druk ik de assistente nog eens uitdrukkelijk op het hart. Maar hij stond er volgens haar echt niet in. Dus zij maakt een nieuw record voor hem aan. Omdat ik twee maanden eerder een soortgelijk geval met mijn oudste zoon had gehad, was ik in zoverre voorbereid dat ik zijn verzekeringspasje bij me had.
Terwijl ik wachtte op de medicijnen begon het mij te dagen. Het kon niet zo zijn. Dit zat echt fout. Een lichte irritatie maakte zich van mij meester. Hij moest hier echt ingeschreven staan, zelfs met de aantekening dat hij allergisch is voor amoxicilline -het meest standaard antibioticum-. Ik was echt niet gek. Toen zijn medicijnen klaar waren drong ik nog een keer aan, een tikkeltje geïrriteerd. "Staat die resistentie dan toevallig op naam van zijn zusje?" Nee, dat stond daar niet aangetekend. "Maar jullie moeten dat in je systeem hebben staan", probeer ik nogmaals. In dit geval staat het ook in het systeem van de huisarts, maar het is juist de lol van het elektronisch patiënten dossier dat die allergie ook bij de apotheek bekend is. We praten hier notabene over een apotheek aangesloten bij een organisatie die op tv al reclame maken voor het feit dat zij al onderling informatie over patiënten uitwisselen. Op zich vind ik dat wel een slim idee, maar ik werd hier geconfronteerd met de keerzijde van het systeem. Mijn zoon zou er in moeten zitten, met in dit geval zeer relevante informatie, en na persistent aandringen, komen zijn op dat moment belangrijke gegevens niet boven tafel.
Twee maanden daarvoor had ik het dus eender meegemaakt maar geen nattigheid gevoeld, maar nu omdat het een tweeling betrof wou ik heel zeker weten of het allemaal wel klopte.
De apotheker zou later nog contact met me opnemen.
Dat heeft die ook gedaan. Hij legde uit dat zijn assistente niet goed gezocht had -waar heb ik dat eerder gehoord?- en dat alle gegevens van mijn zoon prima bewaard worden, dat ze als apotheker zelfs een bewaarplicht van zestien jaar hebben, en dat het dubbele record dat vandaag gemaakt was natuurlijk samengevoegd zou worden. Het is gewoon zo dat records van patiënten die drie jaar niet zijn geweest onder water verdwijnen, maar zeker niet weggegooid worden.
Ik heb gewoon twee hele gezonde kinderen, waarvoor we drie jaar niet bij de apotheek geweest waren. Ik was een beetje onthutst van het antwoord. Omdat ik dus twee keer in korte tijd hetzelfde probleem aan de orde heb gehad. Assistentes die niet simpel een patiënt in het systeem kunnen vinden, ook al wordt verteld dat ze er hun hele leven komen. Er worden doodleuk nieuwe records aangemaakt. Zelf weet ik hoe lastig het is om in een beetje grote databases dubbele records op te sporen. Meestal zitten er kleine verschillen in waardoor ze er tussendoor glippen. Ik vind het belachelijk dat het apotheeksysteem dus zo ingewikkeld schijnt te zijn, dat een assistente na herhaald aandringen de 'onderwater' records niet boven water weet te krijgen. Dat er dus gewoon dubbele records aangemaakt worden -dat het überhaupt kan!-, en dat de apotheker vervolgens over het superieure recordsmanagment begint. Volgens mij werkt hun hele systeem voor geen meter. Daarvoor het ik teveel met informatie gestoeid.
Mijn vertrouwen in het elektronisch patiënten dossier (EPD) is dus behoorlijk geschokt. Ik denk dat ik voortaan maar eens jaarlijks inzage ga vragen in die dossiers van alle familieleden. Wie weet wat voor ellende je allemaal tegenkomt.
* De titel van deze post was geïnspireerd op Dr. Henkenstein, die ik bij deze veel beterschap wens.
Bij de apotheek receptje inleveren. Blijkt mijn zoon niet "in het systeem te staan". Zijn tweelingzusje wel, maar hij niet. Ik dring nog eens aan. "Maar jij komt hier al zijn hele leven" (dat zijn zeven jaren in zijn geval, nog niet veel jaren, maar zeker meerdere keren dat we daar voor hem zijn geweest) druk ik de assistente nog eens uitdrukkelijk op het hart. Maar hij stond er volgens haar echt niet in. Dus zij maakt een nieuw record voor hem aan. Omdat ik twee maanden eerder een soortgelijk geval met mijn oudste zoon had gehad, was ik in zoverre voorbereid dat ik zijn verzekeringspasje bij me had.
Terwijl ik wachtte op de medicijnen begon het mij te dagen. Het kon niet zo zijn. Dit zat echt fout. Een lichte irritatie maakte zich van mij meester. Hij moest hier echt ingeschreven staan, zelfs met de aantekening dat hij allergisch is voor amoxicilline -het meest standaard antibioticum-. Ik was echt niet gek. Toen zijn medicijnen klaar waren drong ik nog een keer aan, een tikkeltje geïrriteerd. "Staat die resistentie dan toevallig op naam van zijn zusje?" Nee, dat stond daar niet aangetekend. "Maar jullie moeten dat in je systeem hebben staan", probeer ik nogmaals. In dit geval staat het ook in het systeem van de huisarts, maar het is juist de lol van het elektronisch patiënten dossier dat die allergie ook bij de apotheek bekend is. We praten hier notabene over een apotheek aangesloten bij een organisatie die op tv al reclame maken voor het feit dat zij al onderling informatie over patiënten uitwisselen. Op zich vind ik dat wel een slim idee, maar ik werd hier geconfronteerd met de keerzijde van het systeem. Mijn zoon zou er in moeten zitten, met in dit geval zeer relevante informatie, en na persistent aandringen, komen zijn op dat moment belangrijke gegevens niet boven tafel.
Twee maanden daarvoor had ik het dus eender meegemaakt maar geen nattigheid gevoeld, maar nu omdat het een tweeling betrof wou ik heel zeker weten of het allemaal wel klopte.
De apotheker zou later nog contact met me opnemen.
Dat heeft die ook gedaan. Hij legde uit dat zijn assistente niet goed gezocht had -waar heb ik dat eerder gehoord?- en dat alle gegevens van mijn zoon prima bewaard worden, dat ze als apotheker zelfs een bewaarplicht van zestien jaar hebben, en dat het dubbele record dat vandaag gemaakt was natuurlijk samengevoegd zou worden. Het is gewoon zo dat records van patiënten die drie jaar niet zijn geweest onder water verdwijnen, maar zeker niet weggegooid worden.
Ik heb gewoon twee hele gezonde kinderen, waarvoor we drie jaar niet bij de apotheek geweest waren. Ik was een beetje onthutst van het antwoord. Omdat ik dus twee keer in korte tijd hetzelfde probleem aan de orde heb gehad. Assistentes die niet simpel een patiënt in het systeem kunnen vinden, ook al wordt verteld dat ze er hun hele leven komen. Er worden doodleuk nieuwe records aangemaakt. Zelf weet ik hoe lastig het is om in een beetje grote databases dubbele records op te sporen. Meestal zitten er kleine verschillen in waardoor ze er tussendoor glippen. Ik vind het belachelijk dat het apotheeksysteem dus zo ingewikkeld schijnt te zijn, dat een assistente na herhaald aandringen de 'onderwater' records niet boven water weet te krijgen. Dat er dus gewoon dubbele records aangemaakt worden -dat het überhaupt kan!-, en dat de apotheker vervolgens over het superieure recordsmanagment begint. Volgens mij werkt hun hele systeem voor geen meter. Daarvoor het ik teveel met informatie gestoeid.
Mijn vertrouwen in het elektronisch patiënten dossier (EPD) is dus behoorlijk geschokt. Ik denk dat ik voortaan maar eens jaarlijks inzage ga vragen in die dossiers van alle familieleden. Wie weet wat voor ellende je allemaal tegenkomt.
* De titel van deze post was geïnspireerd op Dr. Henkenstein, die ik bij deze veel beterschap wens.
Labels: apotheek, elektronisch patienten dossier, EPD
Afscheid van Google catalogs, maar niet helemaal
Ik had al eerder voorbij zien komen op de officiële Google blog dat Google stopt met Notebook, Jaiku, Video en Catalogs, maar omdat ik een van de fijne maandoverzichten van Dymphie weer tegenkwam dacht ik dat het de oeite waard is om bij het opheffen van Google Catalogs stil te staan. Niet dat ik de dienst ooit gebruikte.
Waarom wel?
Volgens mij is het superhandige numrange commando van de gewone google zoekmachine ontwikkeld voor Google catalogs. Google heeft ooit, om zijn scan technologie te bewijzen, er aan gewerkt om honderden postorder catalogi te scannen en te indexeren. In Amerika heb je iets meer dan alleen de Wehkamp, Otto en Neckermann aan postorderbedrijven. In de uitgestrekte midwest staat niet op iedere hoek van de straat een shopping mall. Postordersbedrijven bij de vleet.
Wanneer je zoveel gelijksoortige producten, identiek zelfs, geïndexeerd hebt, wil je er makkelijk en snel de goedkoopste spijkerbroek, camera of waterkoker in kunnen vinden. Voor dat doel ontwikkelde Google de numrange zoekoptie. En nu kan je er handig gebruik van maken wanneer je iets zoekt in de recente literatuur bijvoorbeeld. Bijvoorbeeld ["Agaricus bisporus" 2005..2009] (iets over de gewone huis tuin en keuken champignon van de laatste tijd). In google scholar wordt trouwens heel specifiek, maar niet altijd geslaagd, met ylo en yhi gewerkt. Het numrange zoeken werkt trouwens ook met $ tekens (prijs ranges) maar helaas niet met € tekens. Dus [stonewashed jeans $20..$30] werkt wel, maar [stonewashed jeans €20..€30] werkt niet. Je kunt trouwens ook op je mobiele van dit commando gebruik maken wanneer je op zoek bent naar een koffiezaak op de lijnbaan [koffie lijnbaan 21..41] niet erg exact, maar het komt in de richting.
Een maar, ik kreeg dit verhaal niet zo gauw bevestigd. Wie heeft een geschikte link?
Waarom wel?
Volgens mij is het superhandige numrange commando van de gewone google zoekmachine ontwikkeld voor Google catalogs. Google heeft ooit, om zijn scan technologie te bewijzen, er aan gewerkt om honderden postorder catalogi te scannen en te indexeren. In Amerika heb je iets meer dan alleen de Wehkamp, Otto en Neckermann aan postorderbedrijven. In de uitgestrekte midwest staat niet op iedere hoek van de straat een shopping mall. Postordersbedrijven bij de vleet.
Wanneer je zoveel gelijksoortige producten, identiek zelfs, geïndexeerd hebt, wil je er makkelijk en snel de goedkoopste spijkerbroek, camera of waterkoker in kunnen vinden. Voor dat doel ontwikkelde Google de numrange zoekoptie. En nu kan je er handig gebruik van maken wanneer je iets zoekt in de recente literatuur bijvoorbeeld. Bijvoorbeeld ["Agaricus bisporus" 2005..2009] (iets over de gewone huis tuin en keuken champignon van de laatste tijd). In google scholar wordt trouwens heel specifiek, maar niet altijd geslaagd, met ylo en yhi gewerkt. Het numrange zoeken werkt trouwens ook met $ tekens (prijs ranges) maar helaas niet met € tekens. Dus [stonewashed jeans $20..$30] werkt wel, maar [stonewashed jeans €20..€30] werkt niet. Je kunt trouwens ook op je mobiele van dit commando gebruik maken wanneer je op zoek bent naar een koffiezaak op de lijnbaan [koffie lijnbaan 21..41] niet erg exact, maar het komt in de richting.
Een maar, ik kreeg dit verhaal niet zo gauw bevestigd. Wie heeft een geschikte link?
Labels: Google Catalogs, Google commandos, numrange
