02 juni 2008
De grote uitdaging van Elsevier
Elsevier daagt wetenschappers, waar ook ter wereld, uit om mee te denken over de veranderingen in het wetenschappelijke communicatieproces. De uitdaging betreft 3 vragen die ik hier even kort samenvat:
Ik ben wel benieuwd wat daar uit gaat komen.
Hattip: Rafael Sidi
- publicatieproces, van schrijven, reviewen tot editten te verbeteren
- verbeteren van de interpretatie en presentatie van wetenschappelijke kennis
- methode om de impact van wetenschap beter te kunnen meten.
Ik ben wel benieuwd wat daar uit gaat komen.
Hattip: Rafael Sidi
Labels: Elsevier, Grand challenge, Wetenschappelijke communicatie
29 oktober 2007
Instructions to authors zijn soms een ramp
Onlangs mocht ik wat mensen bij Elsevier er op wijzen in wat voor unieke positie zij vekeren om het leven van wetenschappers te veraangenamen door in een keer alle problemen rond 'instructions to authors' en vooral de regels rond het citeren te vereenvoudigen en te uniformeren. Ik heb hier al eens eerder over mijn ideen over 'instructions to authors' geschreven, zelfs in het Engels. Het recente antwoord van Elsevier was dat ze dat voor hun eigen imprints zoveel mogelijk stadaardiseerden, maar voor de tijdschriften die ze voor societies publiceerden dat niet zo maar konden doen. Maar Elsevier toch, denk je dan. Kom op, jullie kunnen beter dan dat.
Vandaag attendeerde mijn collega Marianne me op de discrepantie tussen een 'instructions to authors' en de daadwerkelijk referentie lijst in de PDF van het tijdschrift. Het gaat in dit voorbeeld om Ecological Economics, de instructions for authors zijn niet al te gedetailleerd, en je zou er zo maar een EndNote style voor maken (die was er tot voor kort niet!). Alles goed en wel totdat je een blik werpt op een recent artikel. Altijd een goede gewoonte wanneer je een style maakt. Neem bijvoobeeld Gowdy (2007).
In de instructions to authors staat:
For periodicals
Ayres, R.U., 1993. Cowboys, cornucopians and long-run sustainability. Ecol. Econ., 8:189-207.
De eerste citatie naar hetzelfde tijdschrift in het artikel van Gowdy ziet er in PDF als volgt uit:
Brown, T., Gregory, R., 1999. Why the WTA–WTP disparity matters. Ecological Economics 28, 323–335.
Volledig uitgeschreven tijdschrifttitel en een comma na het volume nummer. Terwijl er even later in de instructions to authors staat:
Do not abbreviate the titles of periodicals mentioned in the list of references; alternatively use the International List of Periodical Title Word Abbreviations.
Wat moet je dan?
Bij de verdere instructies voor boeken en hoofdstukken wordt bijvoorbeeld Editors steevast volluit geschreven, maar in de lijst wordt het consequent afgekort. Pagina's van boeken worden steeds met pp. afgekort terwijl ze in de referentielijsten van het artikel niet genoemd worden.
Kortom talloze details waar door evenzovele mensen voor niets over nagedacht wordt. Gewikt en gewogen wordt. Kortom Elsevier, haal een de bezem door deze wildgroei aan stijlen en vereenvoudig het citatieproces. Schrijvers gelukkig. Editors gelukkig. Bibliothecarissen gelukkig.
Referentie:
Gowdy, J.M. (2007) Toward an experimental foundation for benefit-cost analysis, Ecological Economics, 63(4):649-655. http://dx.doi.org/10.1016/j.ecolecon.2007.02.010
Vandaag attendeerde mijn collega Marianne me op de discrepantie tussen een 'instructions to authors' en de daadwerkelijk referentie lijst in de PDF van het tijdschrift. Het gaat in dit voorbeeld om Ecological Economics, de instructions for authors zijn niet al te gedetailleerd, en je zou er zo maar een EndNote style voor maken (die was er tot voor kort niet!). Alles goed en wel totdat je een blik werpt op een recent artikel. Altijd een goede gewoonte wanneer je een style maakt. Neem bijvoobeeld Gowdy (2007).
In de instructions to authors staat:
For periodicals
Ayres, R.U., 1993. Cowboys, cornucopians and long-run sustainability. Ecol. Econ., 8:189-207.
De eerste citatie naar hetzelfde tijdschrift in het artikel van Gowdy ziet er in PDF als volgt uit:
Brown, T., Gregory, R., 1999. Why the WTA–WTP disparity matters. Ecological Economics 28, 323–335.
Volledig uitgeschreven tijdschrifttitel en een comma na het volume nummer. Terwijl er even later in de instructions to authors staat:
Do not abbreviate the titles of periodicals mentioned in the list of references; alternatively use the International List of Periodical Title Word Abbreviations.
Wat moet je dan?
Bij de verdere instructies voor boeken en hoofdstukken wordt bijvoorbeeld Editors steevast volluit geschreven, maar in de lijst wordt het consequent afgekort. Pagina's van boeken worden steeds met pp. afgekort terwijl ze in de referentielijsten van het artikel niet genoemd worden.
Kortom talloze details waar door evenzovele mensen voor niets over nagedacht wordt. Gewikt en gewogen wordt. Kortom Elsevier, haal een de bezem door deze wildgroei aan stijlen en vereenvoudig het citatieproces. Schrijvers gelukkig. Editors gelukkig. Bibliothecarissen gelukkig.
Referentie:
Gowdy, J.M. (2007) Toward an experimental foundation for benefit-cost analysis, Ecological Economics, 63(4):649-655. http://dx.doi.org/10.1016/j.ecolecon.2007.02.010
Labels: Elsevier, instructions to authors
25 oktober 2007
Elsevier Science pakt training anders aan
Via Rafael Sidi werd ik er op gewezen dat Elsevier een nieuwe trainingssite heeft die heel erg twee is. Elsevier Trainingdesk. Allerhande trainingsmateriaal voor EmBase, Scopus, ScienceDirect en Engineering Village. Dat alles ondersteund met een wiki (van mijn favoriete wiki provider) en een nieuwe blog. De RSS blog wordt nu ook onder het Elsevier sjabloon gevoegd. Alles om training 2.0 uit te stralen, en een poging om een community te bouwen.
Ben benieuwd of het gaat lopen. Vorige week waren ze vergeten het ons te vertellen...
Ben benieuwd of het gaat lopen. Vorige week waren ze vergeten het ons te vertellen...
05 juli 2007
Elsevier en Google zijn er uit gekomen
Google heeft een belangrijke stap gezet. Google heeft een overeenkomst met Elsevier om de inhoud van ScienceDirect in Google (Scholar) op te nemen. Een belangrijk kritiekpunt op Google Scholar wordt nu deels weggenomen. We weten niet precies wat er in zit en de grootste uitgever van wetenschappelijke tijdschriften zat er slechts deels in. Maar de grootste uitgever van wetenschappelijke tijdschriften -ruim 1800 tijdschriften- gaat overstag. de kracht van Google valt schijnbaar ook voor hun niet te ontkennen. Wat zullen de gevolgen zijn voor de strategie van Scopus en Scirus? Wat zij de gevolgen voor Web of Science en Thomson Scientific?
Ik zie alleen bevestiging bij Sidi (ook mijn bron). Ik kijk uit naar de persberichten van Google en Elsevier.
Maar er is wat water door de Rijn gegaan kunnen we wel stellen.
Ik zie alleen bevestiging bij Sidi (ook mijn bron). Ik kijk uit naar de persberichten van Google en Elsevier.
Maar er is wat water door de Rijn gegaan kunnen we wel stellen.
02 maart 2007
Open letter to David M. Leslie Jr. and Meredith J. Hamilton
Dear David and Meredith
I just read with interest your article on standardized citation styles in Serials Review. I can't agree more with your article. You addressed the issue from the time spend on writing and correcting reference lists in and for journal articles.
Another compelling argument however, is missed impact because of erroneous citation scanning by institutes like Thomson Scientific (ISI) when they capture references for their Web of Science. And recently Elsevier, they have to do a similar job for their Scopus database. The scanning programs do a fair job, but errors do occur. We all know by looking at the cited reference search results lists in the Web of Science. These errors are partly caused by the many different instructions to authors stipulated by the thousands scholarly journals out there. Errors in citation data is missed impact, is reduced chances of promotion or scholarship etc....
The entry of Elsevier in the arena of citation data is therefore interesting. On the one hand they have to recognize all the different reference styles because they publish electronic journals and want to link out to the full text wherever possible, secondly they want to capture citation data for their Scopus database. As a publishers of some 1800 different titles, with probably about 1800 different instructions to authors the are the most influential party to take steps on your idea on standardizing these rules.
Another interest I have in this matter, as a subject librarian we train students and staff to use EndNote. EndNote X comes with some 2,500 different journal styles, whereas we as a library subscribe to some 10,000 different titles. Chances are small that an EndNote style is already available for a specific journal. Of course you can compose your own styles. We do that quite often. But it is a frustrating experience. Instructions to authors often diverge from the actual reference list in the journal, they are often incomplete. And indeed, they don't match the modern metadata standards.
Yours sincerely
Wouter Gerritsma
PS, I will post this on my blog (http://www.wowter.nl/blog) so Elsevier can read it as well.
Reference
David M. Leslie Jr. and Meredith J. Hamilton, (2007). A Plea for a Common Citation Format in Scientific Serials, Serials Review, 33(1): 1-3.
http://dx.doi.org/10.1016/j.serrev.2006.11.009 (Subscription required)
In humour: Serials review is an Elsevier imprint.
I just read with interest your article on standardized citation styles in Serials Review. I can't agree more with your article. You addressed the issue from the time spend on writing and correcting reference lists in and for journal articles.
Another compelling argument however, is missed impact because of erroneous citation scanning by institutes like Thomson Scientific (ISI) when they capture references for their Web of Science. And recently Elsevier, they have to do a similar job for their Scopus database. The scanning programs do a fair job, but errors do occur. We all know by looking at the cited reference search results lists in the Web of Science. These errors are partly caused by the many different instructions to authors stipulated by the thousands scholarly journals out there. Errors in citation data is missed impact, is reduced chances of promotion or scholarship etc....
The entry of Elsevier in the arena of citation data is therefore interesting. On the one hand they have to recognize all the different reference styles because they publish electronic journals and want to link out to the full text wherever possible, secondly they want to capture citation data for their Scopus database. As a publishers of some 1800 different titles, with probably about 1800 different instructions to authors the are the most influential party to take steps on your idea on standardizing these rules.
Another interest I have in this matter, as a subject librarian we train students and staff to use EndNote. EndNote X comes with some 2,500 different journal styles, whereas we as a library subscribe to some 10,000 different titles. Chances are small that an EndNote style is already available for a specific journal. Of course you can compose your own styles. We do that quite often. But it is a frustrating experience. Instructions to authors often diverge from the actual reference list in the journal, they are often incomplete. And indeed, they don't match the modern metadata standards.
Yours sincerely
Wouter Gerritsma
PS, I will post this on my blog (http://www.wowter.nl/blog) so Elsevier can read it as well.
Reference
David M. Leslie Jr. and Meredith J. Hamilton, (2007). A Plea for a Common Citation Format in Scientific Serials, Serials Review, 33(1): 1-3.
http://dx.doi.org/10.1016/j.serrev.2006.11.009 (Subscription required)
In humour: Serials review is an Elsevier imprint.
Labels: Citation data, Elsevier, EndNote, English, journal styles, Scopus, WoS
23 november 2005
Instructions to authors
Er zij twee groepen met mensen die deze korte titel begrijpen. Zij die wel eens een wetenschappelijk artikel gepubliceerd hebben, of zij die wel eens referentielijsten verzorgd hebben voor een wetenschappelijke publicatie. Ik zit in beide kampen, maar blog vooral hierover omdat ik in een team zit die aan mijn Universiteit EndNote ondersteunt. Een prachtig programma om literatuurlijstjes te maken. Mijn lijst met gelezen artikelen komt ook uit EndNote rollen. Voor onderzoekers verlenen wij ondersteuning omdat we voor sommige tijdschriften een EndNote style op stellen. Eigenlijk is dat een nachtmerrie. Gedetailleerd lezen van de ‘instuctions to authors’ vergelijken met recente referentie lijstjes levert altijd discrepanties op. Dan zit je met de vraag hoe moet je nu echt naar een conferentie bijdrage verwijzen, of hoe zit het nu met dit boekhoofdstuk? Op deze manier heb ik menig mailtje naar editors van tijdschriften gestuurd om vooral te vragen duidelijker te zijn in de ‘instructions to authors’. Daarom is de ondersteuning voor het maken van EndNote styles altijd een moeizame aangelegenheid geweest. Heel blij zijn we daarom met Wiley, dat EndNote styles voor al hun tijdschriften beschikbaar stelt.
Het was pas toen ik Jacsó, (2005) zijn artikel las dat ik me realiseerde dat daar verbetering in moest komen. Vooral omdat citatie-analyse in toenemende mate een rol speelt in de beoordeling van wetenschappelijk onderzoek. Om deze methode beter te maken moet de kwaliteit van de databases waarmee we dit doen vergroot worden. Zowel de kwaliteit als de kwantiteit moet, en kan beter. Tot op heden heeft ISI (Tompson Scientific) het primaat op citatiedata. Elsevier kwam vorig jaar met een concurrerend product, Scopus genaamd, en vervolgens Google Scholar (Schoogle, zoals ik het lelijke eendje weleens liefkozend noem) dat ook citatiedata heeft. Volgens Jacsó moeten we aan de laatste geen woorden vuil maken, maar daar ben ik het niet helemaal mee eens.
Maar wat is nu het probleem met citatiedata?
Onderzoekers, schrijvers, etc., maken (vaak) fouten bij het typen van referentielijsten. Deels omdat ‘instructions to authors’ niet duidelijk zijn, inconsequent zijn, of fouten bevatten. Maar er worden vooral fouten gemaakt omdat ieder zichzelf respecterend tijdschrift zijn eigen specifieke 'Instruction to authors' heeft. Er zijn waarschijnlijk tussen de 24,000 en 50,000 peer reviewed wetenschappelijke tijdschriften (Tenopir, 2004) en allemaal met hun eigen ‘instructions to authors’. Dat is dus lastig voor die onderzoekers om goed te doen.
De tweede bron met fouten zit in het scannen en herkennen van de citatielijstjes door de makers van de citatie databases. Schoogle natuurlijk als ultiem voorbeeld van hoe het mis kan gaan, maar ook ISI en Scopus hebben hier moeite mee. Voor ieder tijdschrift hebben ze weer een ander algoritme nodig om het citatielijstje te kunnen ontcijferen. Er staat niet voor elke referentie om wat voor soort (boek, artikel, conferentie of website) referentie het gaat. Nee, de software moet het allemaal maar oplossen. Daarnaast willen de 6 en 8 (in geval van pagina’s) wel eens op elkaar lijken. Kortom volop bronnen van fouten.
De sleutel voor het oplossen van dit probleem is nu binnen handbereik en ligt bij Elsevier. Zij zijn betrokken bij de totstandkoming van 1600 peer reviewed wetenschappelijke tijdschriften, en sinds een jaar de markt op met een bibliografische database die ook citatiedata bevat. Deze dubbelrol moeten zij zich eens ernstig gaan overwegen. Waarom zouden zij niet één duidelijke, recht toe recht aan, ‘instructions to authors’ kunnen afgeven die voor alle Elsevier tijdschriften geldt! Ze maken het de auteurs makkelijker en vervolgens ook zichzelf. Ze zetten daarmee in elk geval de juiste toon. Wanneer meer uitgevers dat voorbeeld zouden volgen, verbeterd daarna de kwaliteit van de citatiedata vanzelf.
Literatuur
Jacsó, P. (2005). As we may search - Comparison of major features of the Web of Science , Scopus, and Google Scholar citation-based and citation-enhanced databases. Current Science 89(9): 1537-1547. http://www.ias.ac.in/currsci/nov102005/1537.pdf.
Tenopir, C. (2004). Online scholarly journals: How many? Library Journal 129(2): 32. http://www.libraryjournal.com/index.asp?layout=articlePrint&articleID=CA374956.
Technorati tags: Citation analysis; instruction to authors
Het was pas toen ik Jacsó, (2005) zijn artikel las dat ik me realiseerde dat daar verbetering in moest komen. Vooral omdat citatie-analyse in toenemende mate een rol speelt in de beoordeling van wetenschappelijk onderzoek. Om deze methode beter te maken moet de kwaliteit van de databases waarmee we dit doen vergroot worden. Zowel de kwaliteit als de kwantiteit moet, en kan beter. Tot op heden heeft ISI (Tompson Scientific) het primaat op citatiedata. Elsevier kwam vorig jaar met een concurrerend product, Scopus genaamd, en vervolgens Google Scholar (Schoogle, zoals ik het lelijke eendje weleens liefkozend noem) dat ook citatiedata heeft. Volgens Jacsó moeten we aan de laatste geen woorden vuil maken, maar daar ben ik het niet helemaal mee eens.
Maar wat is nu het probleem met citatiedata?
Onderzoekers, schrijvers, etc., maken (vaak) fouten bij het typen van referentielijsten. Deels omdat ‘instructions to authors’ niet duidelijk zijn, inconsequent zijn, of fouten bevatten. Maar er worden vooral fouten gemaakt omdat ieder zichzelf respecterend tijdschrift zijn eigen specifieke 'Instruction to authors' heeft. Er zijn waarschijnlijk tussen de 24,000 en 50,000 peer reviewed wetenschappelijke tijdschriften (Tenopir, 2004) en allemaal met hun eigen ‘instructions to authors’. Dat is dus lastig voor die onderzoekers om goed te doen.
De tweede bron met fouten zit in het scannen en herkennen van de citatielijstjes door de makers van de citatie databases. Schoogle natuurlijk als ultiem voorbeeld van hoe het mis kan gaan, maar ook ISI en Scopus hebben hier moeite mee. Voor ieder tijdschrift hebben ze weer een ander algoritme nodig om het citatielijstje te kunnen ontcijferen. Er staat niet voor elke referentie om wat voor soort (boek, artikel, conferentie of website) referentie het gaat. Nee, de software moet het allemaal maar oplossen. Daarnaast willen de 6 en 8 (in geval van pagina’s) wel eens op elkaar lijken. Kortom volop bronnen van fouten.
De sleutel voor het oplossen van dit probleem is nu binnen handbereik en ligt bij Elsevier. Zij zijn betrokken bij de totstandkoming van 1600 peer reviewed wetenschappelijke tijdschriften, en sinds een jaar de markt op met een bibliografische database die ook citatiedata bevat. Deze dubbelrol moeten zij zich eens ernstig gaan overwegen. Waarom zouden zij niet één duidelijke, recht toe recht aan, ‘instructions to authors’ kunnen afgeven die voor alle Elsevier tijdschriften geldt! Ze maken het de auteurs makkelijker en vervolgens ook zichzelf. Ze zetten daarmee in elk geval de juiste toon. Wanneer meer uitgevers dat voorbeeld zouden volgen, verbeterd daarna de kwaliteit van de citatiedata vanzelf.
Literatuur
Jacsó, P. (2005). As we may search - Comparison of major features of the Web of Science , Scopus, and Google Scholar citation-based and citation-enhanced databases. Current Science 89(9): 1537-1547. http://www.ias.ac.in/currsci/nov102005/1537.pdf.
Tenopir, C. (2004). Online scholarly journals: How many? Library Journal 129(2): 32. http://www.libraryjournal.com/index.asp?layout=articlePrint&articleID=CA374956.
Technorati tags: Citation analysis; instruction to authors
Labels: Citatieanalyse, Elsevier, EndNote, Referentielijsten
