18 oktober 2008
Multitasken door pubers is niet helemaal "native"
Vandaag stond er een mooi stuk in de Volkskrant kennis bijlage over het werk van Eveline Crone (slordigheidje van de VK in de juiste naam), naar aanleiding van haar nieuwe boek: "Het puberende brein".
Een van de vragen en het antwoord wil ik hier even herhalen:
Het deed me even denken aan de verhalen van Prensky over digital natives en digital imigrants. Ik zie het thuis ook gebeuren. Mijn eerste brugpieper, die het liefst midden in de woonkamer, met een muziekje op, zij broertjes en zusjes op de Wii volgend, en een televisie op de achtergrond zijn huiswerk doet. Volgens Prensky is hij anders. Bij Crone leer ik dat het een fabel is.
Toch maar gewoon mijn ouderlijke instincten volgen?
In elk geval het boek van Crone maar eens lenen bij de bibliotheek (Helaas nog niet in WorldCat te vinden). Dus maar kopen met een recent gescoorde boekenbon....
Een van de vragen en het antwoord wil ik hier even herhalen:
Een positief geluid dat je over pubers hoort, is dat ze veel beter kunnen multitasken dan volwassenen: msn'en, telefoneren, tv kijken, ze kunnen het allemaal tegelijk.
'Dat is een mythe. Pubers wekken misschien de indruk dat ze dat allemaal heel goed tegelijk kunnen, maar onze data laten dat niet zien. Multitasken vereist een heel goed werkgeheugen, en juist dat is bij pubers nog in ontwikkeling. Je moet informatie in én uit je hoofd kunnen houden; je moet, anders gezegd, informatie goed kunnen filteren. Want alleen dan kun je doelgericht en efficiënt een opdracht uitvoeren.
'Om goed te kunnen filteren, heb je een adequaat functionerend inhibitiesysteem nodig: je moet op tijd kunnen remmen en stoppen, op tijd bepalen welke informatie relevant is en welke niet. Dit inhibitiesysteem verbetert in de loop van de tijd. Jongeren van achttien kunnen veel beter informatie filteren dan kinderen van twaalf. Maar hoe dat tijdverloop er uitziet, weten we nog niet precies.
Het deed me even denken aan de verhalen van Prensky over digital natives en digital imigrants. Ik zie het thuis ook gebeuren. Mijn eerste brugpieper, die het liefst midden in de woonkamer, met een muziekje op, zij broertjes en zusjes op de Wii volgend, en een televisie op de achtergrond zijn huiswerk doet. Volgens Prensky is hij anders. Bij Crone leer ik dat het een fabel is.
Toch maar gewoon mijn ouderlijke instincten volgen?
In elk geval het boek van Crone maar eens lenen bij de bibliotheek (Helaas nog niet in WorldCat te vinden). Dus maar kopen met een recent gescoorde boekenbon....
Labels: digital natives, hersenen, pubers
